Remy Corneel van de Kerckhove

Uit Mechelen Mapt, het vrije naslagwerk over Mechelen
Ga naar:navigatie, zoeken
English.gif Poet from Mechelen
Mechels Atheneum

Remy (of Remigius) C. van de Kerckhove werd geboren in de Blaasbalgstraat 14 te Mechelen op 25 september 1921 en overleed, na een verkeersongeval, te Duffel op 2 januari 1958. Hij was een experimenteel dichter.

De Mechelse dichter Leopold van den Brande was (en is nog steeds) een groot bewonderaar van het werk van Remy van de Kerckhove [1] en de Vlaamse dichter Jotie T’Hooft werd door zijn werk geïnspireerd.[2]

Biografie

Remy van de Kerckhove was een leerling in de Latijn-Griekse aan het Koninklijk Atheneum te Mechelen (1927-1939) en voetbalde eerst als midvoor en dan als linksbuiten in het eerste elftal van Racing Club Mechelen (1938-1947). Hier speelde hij samen met Rik de Saedeleer.

Remy van de Kerckhove was werkzaam bij het ministerie van Arbeid en Sociale Voorzorg en een militant lid van de Belgische Socialistische Partij. Tevens was hij vanaf 1956 directeur van de informatie- en voorlichtingsdienst bij de organisatie van de Wereldtentoonstelling in Brussel van 1958.[3]

Gedichten

Remy van de Kerckhove liet in zijn gedichten een dissident geluid horen. Hierin keerde hij zich tegen alles wat kleinburgerlijk en aangepast was en pleitte hij al vroeg voor een avontuurlijkere en meer experimentele poëzievorm. Zijn grote voorbeeld was Paul van Ostaijen. In zijn Gebed voor de kraaien uit 1947 werd een hommage gebracht aan de jonggestorven en op dat moment tamelijk veronachtzaamde Paul van Ostaijen, in de regel "Ik wou een smalle worm zijn om tot door uw houten kist te graven en U te vertellen hoeveel onnozele burgers er nog zijn".

Gedichten van Remy van de Kerckhove waren te vinden in Ambassadeurs van de Stilte - Lezing gehouden op 26 juli 1952 op de 11e Vlaamse Poëziedagen te Merendree van Jan Walravens. Dit boekje bevatte ook werken van Nic van Beeck, Albert Bontridder, Ben Cami, Hugo Claus en Eric van Ruysbeek.[4] Remy's gedichten werden tevens opgenomen in Anthologia Belgōn poiētōn - II. Hoi flamandoi en Gedichte aus Flandern 1920-1970.[5]

Tijd en Mens

Op 15 september 1949 richtte Remy van de Kerckhove, samen met Jan Walravens, het avant-gardetijdschrift Tijd en Mens op dat experimentele literatuur introduceerde na Wereldoorlog II. Hier werkte hij samen met Marcel Wauters, Hugo Claus, Louis Paul Boon, Albert Bontridder [6] en andere letterkundigen.[7] Dit tijdschrift bleef bestaan tot 1955.

Remy van de Kerckhove was ook één van de redactieleden van het neo-expressionistisch tijdschrift De derde ruiter, dat het licht zag in 1951.[8] Herman van San was de uitgever van het blad en de andere leden van de redactie waren Tone Brulin, Rudolf Meerbergen en Ben Lindekens.[9]

Werken

  • Nachtelijke razzia – 1939
  • De andere weg – 1941
  • Gebed voor de kraaien – 1948
  • De schim van Memlinc – 1950
  • Een kleine ruïnemuziek – 1951 (Met tekeningen van Rudolf Meerbergen)
  • Veronica – Mijn medelijden is een traan in twee gespleten – 1953
  • Ebbe en vloed – 1954
  • Gedichten voor een Kariatide – 1957

Na zijn dood verschenen er nog enkele uitgaven, waaronder Gedichten in 1964 en Verzamelde gedichten in 1974 (Uitgeverij Manteau).[10] Gedichten was een bloemlezing van gedichten van Remy van de Kerckhove, bijeengebracht door Louis Paul Boon, en samengesteld voor het Poëtisch Erfdeel van de Nederlanden.[11]

In 1974 verscheen ook het naslagwerk Remy C. Van de Kerckhove van Marcel Wauters met de vermelding "Voor het Ministerie van Nationale Opvoeding en Nederlandse Cultuur" (Uitgeverij Helios – 44 pagina’s).[12]

Literatuur

  • Letterkundig woordenboek voor Noord en Zuid – K. Ter Laan – 1952
  • De Nederlandse en Vlaamse auteurs – G.J. van Bork en P.J. Verkruijsse – 1985
  • Feit en tussenkomst. Geschiedenis en opvattingen van Tijd en Mens (1949-1955 – Jos Joosten - 1996
  • Schrijvers en dichters – G.J. van Bork – 2003

Ook werd Remy C. Van de Kerckhove beschreven in Van de Kerckhove 1921-1958, verschenen in de Mededelingen van de Documentatiedienst (1954-1992) en behandelende Yves T’Sjoen, professor Nederlandse Literatuur en Literaire Theorie aan de Gentse universiteit, zijn werk in diens Vlaamse Vijftigers.[13]

De Vlaamse Gids (Liberaal Archief) bevatte een In memoriam Remy C. van de Kerckhove van Jan Walravens (Februari 1958 – 42/2) en een Radiolezing over Remy C. van de Kerckhove (1966 – 50/3-4) [14] en de Genkse schrijver Stefan Brijs vermeldde Remy van de Kerckhove in zijn boek De vergeethoek (Atlas – 2003).[15] Ook in Handelingen Koninklijke Kring voor Oudheidkunde, Letteren en Kunst van Mechelen – Boekdeel CXII (2008) dook Remy van de Kerckhove op.[16]

Externe links

Bronnen