Peter en Jan Engels
Uit Mechelen Mapt, het vrije naslagwerk over Mechelen
| |
Peter (ook Peeter of Pieter), vooreerst woonachtig te Geraardsbergen, dan Dendermonde en uiteindelijk overleden te Mechelen, en Jan Engels (ook Inghels of Ingels) waren uurwerkmakers. De familiale band tussen beide personen is niet direct duidelijk, want Jan Engels zou ofwel een broer, een zoon of een neef geweest zijn van Peter Engels.
Inhoud |
Mechelen
Sint-Romboutskathedraal
Voor het weergeven van het uur in Mechelen vervaardigde Vrancke Wouters II, in 1527, een raderwerk in de Mechelse Sint-Romboutstoren. In 1557 besloot het Mechelse stadsbestuur om de oude voorslag te vervangen door een voorspel met 18 klokjes, zodat de Mechelse burgers, met een aria of deuntje, zouden gewaarschuwd worden dat het uur ging slaan. Voor het maken van dit werktuig wendde het Mechels stadsbestuur zich tot de uurwerkmaker Peter Engels, die – na Geraardsbergen en Dendermonde – zich was komen vestigen in de Mechelse Begijnenstraat. Peter Engels kreeg de opdracht om de ijzeren trommel, die daar voor nodig was, groot genoeg te maken zodat, in de toekomst, nog meer klokjes konden worden toegevoegd. Peter Engels overleed voor de speeltrommel klaar was en het was Jan Engels, die de speeltrommel verder afwerkte. [1]
In een akte van 18 december 1560 werd Jan Engels aangenomen als Mechels stadshorlogemaker. Jan Engels werkte de eerste Mechelse speeltrommel verder af en vervaardigde, in 1585, een nieuwe wijzerplaat met twee klokjes, in vervanging van de oude uurwijzer, dat in 1385 in de Sint-Romboutskathedraal, boven het orgel, was geplaatst. [2]
De speeltrommel werd uiteindelijk in 1564 geplaatst in de Mechelse Sint-Romboutstoren, na de nodige aanpassingswerken aan het raderwerk, opgestart door Vrancke Wauters en bevond zich op een hoogte van 75 meter. De speeltrommel werd door de Mechelaars liefelijk “de rammel” genoemd.
Rond die periode was er ook sprake voor een ontwerp van vier uurwerkplaten aan de buitenzijde van de toren, doch dit idee (en uitvoering) werd afgeblazen tot het idee, in 1705, terug op tafel werd gelegd. [3]
In 1733 was de speeltrommel erg versleten en onmogelijk te herstellen. Het was de Antwerpse smid en stadshorlogemaker Jan de Hondt [4] die toen voorstelde om een nieuwe trommel te laten gieten uit versleten kanonnen, wat gebeurde op 3 september van dat jaar.
In 1788 kocht de stad Mechelen 4.657 ijzeren tanden, afkomstig van de Antwerpse beiaardtrommel die in onbruik geraakt waren. Deze tanden worden, tot op de dag van vandaag, nog steeds gebruikt. Een andere grote reeks tanden in de toren zijn vermoedelijk afkomstig van de eerste ijzeren speeltrommel van Peter Engels. [5]
Onze-Lieve-Vrouw-over-de-Dijlekerk
Jan Engels onderhield het uurwerk, zowel van de Sint-Romboutskathedraal als die van de Mechelse Onze-Lieve-Vrouw-over-de-Dijlekerk. In rekeningen van de Onze-Lieve-Vrouw-over-de-Dijlekerk werd voor een eerst melding gemaakt van een vergoeding, tot onderhoud van het uurwerk, aan Jan Engels (1594). [6]
Dendermonde
In 1548 bestelde de stad Dendermonde een nieuw uurwerk bij Peter Engels, toen nog woonachtig te Geraardsbergen, voor het Dendermondse belfort. Het uurwerk werd gekoppeld aan een beiaard van 15 klokken die, vermoedelijk, werden gegoten door Jacob Waghevens uit Mechelen.
De geleverde uurwerkklok, versierd met verschillende heiligenbeelden, droeg als opschrift : "Salvator ben ik gegoten van Jacop Wagevens Intjaer ons Heeren 1548" en woog ongeveer 1.560 kg. Deze uurwerkklok was gegoten uit de restanten van een uurwerkklok uit 1526 en ander brons, dat vanuit Dendermonde naar Mechelen was getransporteerd.
Dat er een innige samenwerking bestond tussen Peter Engels en Jacob Waghevens wordt bewezen door een samenwerkingscontract uit 1557. Maar ook de bestelling van een beiaard, door de stad Oudenaarde in 1556, als aanvulling op het horloge van Peter Engels, getuigt van een soort van samenwerking. [7]
Arnemuiden
In de regestenlijst 1580-1589 (regestnummer 214-490) van de Stad en Gemeente Arnemuiden (Zeeuws archief 1431-1857) [8] duikt de naam op van Jan Engels :
“...Meester Pieter van den Ghein doet den heeren van het bestuur der stad Arnnernuden, in tegenwoordigheid van meester Jan Ingels en Jan de Vrijer, klokkespeler te Mechelen, als getuigen, eene opgaaf van het gieten van klokken…”
Oorspr. op papier (Inv. nr. 1023) - Geteekend door Pieter van den Ghein en de beide getuigen
Etymologie : rammel
De rammel is een volkse benaming voor het automatische speelwerk, ook wekkering of tijdsmechanisme genoemd. Een tijdsmechanisme dat versleten is speelt onregelmatig en rammelt. Het speelwerk van de Sint-Romboutstoren was destijds een echte rammel. In 2009 werd het mechanisme gerestaureerd en sindsdien speelde de trommel opnieuw met de juiste regelmaat.
Vroeger was het ook gebruikelijk een medley op het half uur te plaatsen.
Er bestaat een (eerder toevallig opgenomen) opname uit het jaar 1952 waar men het half-uurmelodie kan horen. Tevens hoort men, op deze opname, hoe beiaardier Staf Nees doorheen het half-uurslagwerk speelt.
Externe links
- Flickr – De historische trommel
- Vimeo - De beiaard van Sint-Rombouts – Het steken van melodieën (Auteur : Rudi van de Poele)
Voetnoten
- ↑ Sint-Romboutstoren - De eerste ijzeren speeltrommel
- ↑ Sint-Romboutstoren - Een nieuwe uurwijzer
- ↑ De 4 uurschilden of uurplaten van de Sint-Romboutstoren te Mechelen – Voorgeschiedenis
- ↑ Onze-Lieve-Vrouwekathedraal Antwerpen - Het automatisch speelwerk
- ↑ Sint-Romboutstoren - Een nieuwe speeltrommel
- ↑ Onze-Lieve-Vrouw-over-de-Dijlekerk - De eerste beiaard
- ↑ Dendermonde Belfort - De Waghevensbeiaard (1548-1549)
- ↑ Archieven.nl
Filmlink
|
Sint-Romboutstoren Mechelen – Uurwerkkamer |
Carillon Makers (Speeltrommel @ 3:34) |
De rammel in 1952 |