Kamiel Lefévre

Uit Mechelen Mapt, het vrije naslagwerk over Mechelen
Ga naar:navigatie, zoeken
English.gif A carillonist from Mechelen in the USA
Beiaardschool en Hof van Busleyden

Kamiel Lefévre[N 1] werd geboren te Mechelen in 1888 en overleed te Ukkel in 1972. Hij was beiaardier.

Biografie

Nadat de Beiaardschool te Mechelen een tweetal jaren daarvoor was opgericht door Jef Denyn, volgden Kamiel Lefévre, Staf Nees[1] en Maurice Lannoy samen als eersten een opleiding als beiaardier. In 1924 studeerde Kamiel Lefévre er af.

In 1927 emigreerde hij naar de Verenigde Staten waar hij beiaardier werd in de Park Avenue Baptist Church in New York. Hij bespeelde er 's werelds zwaarste beiaard (ooit nog aangekocht door John D. Rockefeller Junior(en)), de Laura Spelman Rockefeller Memorial Carillon, die in 1930 nog werd vergroot en verplaatst naar de Riverside Church (en).[2]

Kamiel Lefévre hield er een enorm werktempo op na. Hij was niet enkel beiaardier, leraar, componist en publicist voor zowel de GCNA (de Amerikaanse beiaardsgilde) [3] als voor de “Church Monthly” van de Riverside Church in New York. Tevens keurde en huldigde hij ook nieuwe beiaards in (Florida, Chicago, New York, Ottowa, Hartford, enz.), gaf hij interviews aan kranten en radio-omroepen (waaronder in de Voice of America) en hield hij lezingen over de cultuur van de beiaard. Dit alles zorgde voor een enorme expansie van de beiaardkunst in Noord-Amerika tussen beide wereldoorlogen. Op één van zijn lezingen bij de plechtige inhuldiging van de beiaard van de Stanford University, wat een geschenk was van president Herbert Hoover, waren de presidenten van al de universiteiten en colleges aanwezig, in totaal een vierhonderd personen.

Zijn contacten in de USA met zijn broodheren John D. Rockefeller Junior, William Gorham Rice [4] en de krantenmagnaatfamilie Bancroft (en) (van o.a. de Wall Street Journal) zorgden niet enkel voor bijkomende fondsen voor het voortbestaan van de Mechelse beiaardschool in de jaren ’30 van de 20e eeuw, maar zorgden er ook voor dat vele Amerikanen zich inschreven in de school in Mechelen voor een opleiding als beiaardier.[5]

Met de redding van de beiaardschool werd Kamiel Lefévre opgenomen in de orde van “Ridder in de Kroonorde” te Brussel en door zijn gedrevenheid ontving hij nog verschillende andere onderscheidingen, waaronder die van Doctor Honoris Causa aan de Alfred University in New York (en). Op het Internationaal Congres voor bloemisten te Simcoe in Canada (en) werd een nieuwe bloem gecreëerd: de Lefévere-pioen.

Eens op pensioen in 1963 keerde Kamiel Lefévre terug naar België waar hij zich vestigde in Ukkel.

Lefévrefonds

De Belgisch en Nederlandse regeringen in Londen richtten, tijdens de Tweede Wereldoorlog, een Leféverefonds op om alle Nederlandstaligen te kunnen laten genieten van alles wat uit hun thuisland kwam, waaronder de cultuur van eigen bodem zoals de beiaard.[6]

Bell Moods

Het werk “Bell Moods” werd toegeschreven aan zowel Kamiel Lefévre als aan Jef Rottiers. De woorden werden geschreven door Kamiel Lefévre, als hulde aan Jef Denyn, en Jef Rottiers zette er muziek op.[7]

Muziekbank

Het archief van Kamiel Lefévre bevindt zich in de Muziekbank Vlaanderen – Locatie Antwerpen.[8]

LP

Op de vinyl-LP uit 1972 met benaming “Piet van den Broek – Beiaard Carillon – Mechelen Malines Mecheln” staat een “Avondstemming voor Beiaard”, gecomponeerd door Kamiel Lefévre.[9]

Allerlei

In 2005 werden er tijdens de beiaardfeesten in Peer het werk “Lento Dolorosa” van Kamiel Lefévre gebracht, samen met het werk “Preludium in Bes” van Jef Denyn en “Sprookje” van Jef Rottiers. Deze romantische beiaardwerken vielen onder de noemer van “Mechelse Miniaturen”.[10]

Op 1 augustus 2006 speelde de Mechelse stadsbeiaardier Eddy Mariën [11] “Avondstemming” van Kamiel Lefévre in de Jan van Schaffelaartoren te Barneveld Nederland.[12]

Filmlinks

Externe links

Bronnen

Voetnoten

  1. De familienaam is ook veelvuldig gespeld als Lefèvre, met accent grave.