Gilden en Ambachten
Uit Mechelen Mapt, het vrije naslagwerk over Mechelen
Translation : Guildes in Mechelen
Inhoud |
Beschrijving
Gilde
Een Gilde (vroeger : Guld, vanwege het goud in de gezamenlijke kas) is van oorsprong een beroepsgroep. In een Gilde werd kennis en ervaring uitgewisseld. Nieuwe gildeleden werden opgeleid in het vak. Na een gedegen opleiding kon een "Leerling" erkend worden als "Vakman" met de titel "Gezel" en uiteindelijk de titel "Meester" verkrijgen.
Het Gilde behartigde de belangen van de gildeleden, en beschermde hen. Vaak had een Gilde het alleenrecht op het uitoefenen van het vak, wat leidde tot de zekerheid van kwaliteit van het werk, soms zelfs tot een monopolie.
Ambacht
Een Ambacht was een handwerk dat werd aangeleerd om een beroep mee uit te oefenen.
Ambachten kunnen worden onderverdeeld in :
- Traditionele ambachten zoals klompenmaker, touwslager, mandenvlechter, bezembinder of ganzenvanger
(Sinds de Tweede Industriƫle Revolutie zijn deze ambachten vrijwel uitgestorven. Vaak worden ze nog slechts beoefend als demonstratie voor een museumpubliek).
- Hedendaagse ambachten zoals timmerman, metselaar, smid, bakker, slager.
In de 19e eeuw werden, oa in Nederland, de eerste ambachtsscholen opgericht.
Geschiedenis
De Gilden waren kleine filantropische gemeenschappen zonder leiding en zonder structuur en het is juist hier waar de eerste stap wordt gezet naar een corporatie.
Ondertussen was ook het openbaar bestuur uitgegroeid en ontstond er tegenstand vanuit de stadsverantwoordelijken tegen de (voor hen) wildgroei van talrijke Gilden, die de macht tot zich hadden getrokken.
Ondanks talrijke pogingen vanuit deze openbare macht, om de steeds aan macht winnende Gilden te breken, bleven de Gilden groeien. De beslissing van Karel de Stoute, die de stadsautonomie wilde groeperen in een overkoepelend rechtscollege (Het Parlement van Mechelen), kwam de Gilden goed uit. Op deze wijze hadden de plaatselijke besturen nog minder controle op de talrijke gilden.
Mutualiteit van de Smeden
In Mechelen bestond reeds in 1254 een mutualiteit, opgericht door de smeden van de Stad. De mutualiteit was erkend door de bisschop van Luik. Elke smid was lid van deze vereniging.
(Eveneens was er in de Stad Mechelen een rederijkerskamer met de naam : De Peoene. In 1492 werden de "Statuten ende Ordonnantien der Cameren van Rethorycke binnen deze Nederlanden" ingesteld door Philips de Schone)
Broederschappen
Er bestonden ook talrijke lekenbroederschappen. Dit waren para-religieuze groeperingen, die bijvoorbeeld instonden voor de jaarlijkse organisatie van bedevaarten, religieuze optochten of processies. Een dergelijke broederschap vonden we in Mechelen waar de vissers, vooral gevestigd op de Vismarkt (Met Sint Jacobus als patroonheilige), statuten kregen toegewezen van de Deken van Sint-Rombouts.
Gildes in Mechelen
Oude Voetboog - Jonge Voetboog - Handboog - Kolveniersgilde - Schermersgilde
Ambachten in Mechelen
Blokmakers - Bontwerkers - Buyldragers - Carrosiers - Draaiers - Droogscheerders - Drukkers - Geelgieters - Gouden leermakers - Handschoen, Tas-, Witleer- en Riemmakers - Hoedenmakers - Hoveniers - Huidevetters of Leerlooiers - Knopmakers - Kordewagenaars - Kramers - Kousenmakers - Kuipers - Lakenmakers - Leertouwers - Lijntrekkers - Metselaars - Molenaars - Oudekleerkopers - Plafonneerders - Schippers - Schoenmakers - Schrijnwerkers - Smeden - Tapijtwerkers - Timmerlieden - Tinnepotgieters - Turfdragers - Vettewariers (Of Handelaren in Vetwaren en Kruidenierswaren in het algemeen...) - Vlasverkopers - Wondheelers en Barbiers
Externe links
Galerij
door Frans Magriet |
Frederik de Merodestraat |
Filmlink
|
Gildenjuweel 2011 |