De Wonderbare Visvangst
Uit Mechelen Mapt, het vrije naslagwerk over Mechelen
Translation : Painting of Peter Paul Rubens in Mechelen
Inhoud |
Beschrijving
"De Wonderbare Visvangst", een drieluik van Peter Paul Rubens, bevindt zich in de Onze-Lieve-Vrouw-over-de-Dijlekerk in Mechelen. Het schilderij dateert uit de periode 1618-1619.
In 1613-14 besliste het Gilde van de Mechelse Visverkopers om hun altaar, in de Onze-Lieve-Vrouw-over-de-Dijlekerk, te vernieuwen. Het duurde echter nog enkele jaren vooraleer dit plan werd uitgevoerd. Op 9 oktober 1617 ging Peter Paul Rubens naar Mechelen om te kijken waar het altaarstuk in de kerk zou geplaatst worden. In de herberg "Den Helm" kwam het tot een akkoord tussen de Antwerpse Meester en het Bestuur van de Gilde. Op 5 februari 1618 werd een contract opgesteld. Op 11 augustus 1619 werd het omvangrijke afgewerkte altaar vanuit Antwerpen verscheept naar Mechelen. De Gildedekens betaalden er 1600 gulden voor.
In zijn oorspronkelijke vorm bestond het altaar uit een triptiek, met eronder een drieledige Predella. In beeld gebracht zijn verschillende, los van elkaar staande, bijbelse voorstellingen, waarin vis een belangrijke rol speelt. Het centraal thema op het hoofdpaneel is echter de Wonderbare visvangst. Op de binnenluiken ziet men, links, het verhaal van de Cijns-of belastingspenning die gevonden wordt in de bek van een vis en rechts merkt men Tobias en de Engel. Deze drie Bijbelse passages vertonen een grotere samenhang dan men op eerste zicht zou vermoeden : het gaat telkens om een miraculeuze visvangst. Bovendien is er de idee in vervat van de gehoorzaamheid (ten opzichte van een onbegrijpelijke opdracht) die wordt beloond.
Ook de twee Predellaschilderijen hebben met water en vis te maken. Het ene schilderij toont Christus die op het meer wandelt en het andere schilderij toon het Oud-Testamentische verhaal van Jonas, die in zee wordt geworpen.
Wanneer het altaarstuk gesloten is, ziet men op de buitenluiken de afzonderlijke voorstellingen, ten voeten uit, van de heiligen Petrus en Andreas, de twee vissers aan het meer van Galilea die Jezus' eerste apostelen werden en de Patroonheiligen waren van de Mechelse Visverkopers.
In 1794 werd het altaarstuk uit de kerk weggehaald door de Fransen en naar Parijs overgebracht. Na 1815 werd het altaarstuk gerestaureerd en in 1816 kwam triptiek terug naar de Kerk. Twee van de Predellastukken waren inmiddels, in 1803, naar het Museum in Nancy gestuurd en werden niet gerestaureerd. Het lot van het middelste Predellastuk, een Christus aan het Kruis, is onbekend.
Details
De Wonderbare Visvangst
- Huidige bewaarplaats : Onze-Lieve-Vrouw over de Dijle in Mechelen
- Historische bewaarplaats : Onze-Lieve-Vrouw over de Dijle in Mechelen
- Vervaardiger : Peter Paul Rubens
- Fysische beschrijving : Paneel - 301 x 235 cm
Het centrale paneel van de triptiek van de Mechelse Visverkopers toont de Wonderbare Visvangst op het Meer van Genesareth (Lucas 5 : 9). De vissersboten komen terug met een uitermate rijke vangst. Op de voorgrond ziet men gespierde vissers die alle moeite moeten doen om de zware netten aan wal te halen. Op de achtersteven van een boot speelt zich het hoofdgebeuren af : een knielende Petrus, geschrokken door de bovennatuurlijke visvangst, buigt zich smekend voor Christus. Deze stelt hem gerust met de woorden : "Vrees niet, voortaan zult gij mensen vangen" (Lucas 5 : 10). Bijna onvermijdelijk inspireerde Rubens zich op het gelijknamige tafereel uit de beroemde tapijtenreeks 'De handelingen van de Apostelen', die in 1517-21 te Brussel werd geweven naar kartons door Rafaël Santi. Men weet dat Rubens deze tapijten heeft gezien en er details uit natekende.
Christus loopt over het water
- Huidige bewaarplaats : Musée des Beaux-Arts in Nancy
- Historische bewaarplaats : Onze-Lieve-Vrouw over de Dijle in Mechelen
- Vervaardiger : Peter Paul Rubens
- Fysische beschrijving : Paneel - 77 x 77 cm
Het rechter Predellastuk van de triptiek van de Mechelse Visverkopers toont Christus die op het Meer wandelt. Petrus die naar hem toe was gekomen grijpt hij bij de arm en Jezus redt de apostel van de verdrinkingsdood met de woorden : "Gij kleingelovige, waarom hebt gij gewankeld ?" (Mattheus 14 : 24-34). Dit onderwerp - het 'vissen' of redden van mensen - kan gezien worden als een allusie op het hoofdtafereel van de triptiek, waarin Christus aan Petrus zegt : "Voortaan zult gij mensen vangen !"
De Cijnspenning
- Huidige bewaarplaats : Onze-Lieve-Vrouw over de Dijle in Mechelen
- Historische bewaarplaats : Onze-Lieve-Vrouw over de Dijle in Mechelen
- Vervaardiger : Peter Paul Rubens
- Fysische beschrijving : -
Het linkerluik van de Triptiek van de Mechelse Visverkopers verbeeldt het verhaal van Petrus, die op Jezus' aansporen een Stater (die nodig is om tol te betalen) vindt in de bek van een vis (Mattheus 17 : 24-27). Petrus houdt een grote vis bij de kieuwen en toont de omstanders het muntstuk dat het dier in de bek had (Zoals Christus had voorspeld).