Welkom op Mechelen Mapt! Onze pagina's zijn beveiligd tegen spam of vandalisme.
Fout ontdekt? Mee bijdragen? E-mail ons of registreer u gratis en anoniem om te bewerken.

Cavalcade

Uit Mechelen Mapt, het vrije naslagwerk over Mechelen
Ga naar: navigatie, zoeken
English.gif The traditional both religious and profane cavalcade at Mechelen City, once in 25 years
Momentopname van het koninklijk bezoek aan de 12e Hanswijkcavalcade op 1 september 2013

Om de vijfentwintig jaar en bij opmerkelijk zeldzame herdenkingen trekt de Cavalcade door de Mechelse binnenstad: een groots opgezette historische stoet, ontstaan uit de afzonderlijke processies van Onze-Lieve-Vrouw van Hanswijk en van Sint-Rombout.

Opdat iedereen de gelegenheid zou krijgen het imposante evenement met een paar duizenden figuranten in historisch geïnspireerde klederdracht en het vergezellend cultureel erfgoed te aanschouwen, wordt het in een laat zomervakantieweekend gehouden en de week erop herhaald — zo ook de Cavalcade 2013 op de zondagen 25 augustus en 1 september (een keer minder dan in 1988). De troonsafstandaankondiging van koning Albert II in juli rechtvaardigde de verwachting van haar bijwoning door koning Filip I van België en koningin Mathilde: Mechelen genoot als eerste stad de blijde intrede van hunne majesteiten.

Traditionele cavalcade[bewerken]

Cavalcade 1913: De Keizer Maximilaan

Sedert 1738 eens per kwarteeuw, wordt van de sinds de 13e eeuw jaarlijkse sacramentsprocessie van Hanswijk het opzichtigste deel met enige gespeelde korte voorstellingen zowel van oud- en nieuwtestamentische verhalen als van de lokale religieuze legende en geschiedenis, uitzonderlijk enkele maanden verlaat en sterk uitgebreid. Het beeldt dan eveneens niet-religieuze scènes uit van het glorierijke verleden van de stad. Eén der typische hoogtepunten is bijvoorbeeld de Blijde Intocht van Maximiliaan en zijn dochter Margaretha.

Meteen na de historische stoet en ingeleid door 19e-eeuwse praalvoertuigen 'van de rederijkers' en wagen 'Prediking van Sint-Rombout' volgt de folkloristische Ommegang, waarin de Kemeltjes en Paardjes rondhuppelen, het Ros Beiaard ofte Viergebroederspaard en vijf Mechelse Reuzen opstappen en Goliath getrokken wordt, net als het Schip van Oorlog en gewoonlijk als afsluiter het Rad van Fortuin ofte Rad van Avontuur, al kan die eer ook Opsinjoorke te beurt vallen. Deze klassiekers dateren uit de 15e, 16e of vroege 17e eeuw, al dienden de meeste artefacten meermaals hersteld.[N 1] In 2013 werden nieuwe elementen ingelast, waaronder twee stadsreuzen.

Extra edities[bewerken]

Aartshertogin Maria Anna van Oostenrijk en prins Karel van Lotharingen[bewerken]

In maart 1744, minder dan zes jaar na de eerste Hanswijkcavalcade, organiseerde de door de medeorganisatoren daarvan bestuurde "jonckheyt van het gymnasium der Societeyt Jesu" een Cavalcade voor de Blijde Intocht van de landvoogden, samen aangesteld daags na hun huwelijk in januari hoewel Karel die functie toen al enige jaren bekleedde. Maria Anna, het zusje van keizerin Maria Theresia, overleed reeds in december te Brussel na een miskraam in oktober.[1][2]

Primus van Leuven[bewerken]

De titel van een Mechelse choreografie uit 1753 toont dat reeds 15 jaar na de allereerste Hanswijkcavalcade een derde, ondanks het ontbreken van Ommegangsfiguren gezien de vermelde triomfwagens toch tamelijk volwaardige, Cavalcade plaatsvond, als eerbetoon gebracht door de leerlingen van de voormalige 'Grote School' die toen door de 'oratoren' bestuurd werd: "Cavalcade ende triumph-waegens met de welcke den seer geleerden heer mijn heer Cornelius Franciscus Nelis geboortig van Mechelen Eersten van Loven verklaert den 21 october 1753 sal ingehaelt worden den 28 der selve maend door de leerzuchtige Jonckheyd der Publieke Schole van Mechelen onder de bestieringe der Priesters van 't Oratorie." [3]

Zeer veel figuranten droegen borden met zowel Nederlandstalige als Latijnse opschriften, welke laatste telkens het jaartal 1753 codeerden. De voorstellingen waren onder andere vreugde van de Publieke School en de Stad "en de ses onderhoirige Dorpen" omwille van de gelauwerde ("Hy overwint alle de Philosophen"), deugden, diverse wetenschappen en natuurlijke begaafdheden. Behalve wandelenden, waren er meerdere ruitergroepen en aparte ruiters inclusief een Amazone, een wagen met de 9 muzen en Apollo, een door zes bereden paarden getrokken triomfwagen met erop een 18-tal personen die deugden en Gaven van de Natuer uitbeeldden, een zesspan met evenveel engelen erop voor een triomfwagen met verscheidene hemelse Geeften en bovenaan de Eeuwige Wijsheid. Dan kwam de door notabelen vergezelde gevierde, nog gevolgd door meerdere koetsen met vier- en zesspannen.[4]

De gehuldigde student uit Mechelen was de week voordien tot Eerste aan de Leuvense universiteit uitgeroepen[N 2] en werd ruim drie decennia later bisschop van Antwerpen.[5]

Sint-Rombout[bewerken]

Sint-Romboutsjubelfeesten van 1875,
bezoek door de koninklijke familie op 28 juni

Van middeleeuwse heiligen is typisch niet het geboorte- maar slechts het overlijdensjaar bekend. Voor de patroonheilige van de Stad wil de traditie 775. Wellicht voor het eerst bij de milleniumherdenking ervan,[N 3] werd hij verscheidene malen met een aparte Cavalcade, vroeger ook wel Praaltrein geheten, geëerd.

  • 1775 "Prael-treyn verrykt door ry-benden, prael-wagens zinne-beélden en andere oppronkingen toegeschikt aen het duyzend-jaerig jubilé van den heldmoedigen Martelaer, Bisschop, bezonderen Apostel ende Patroon der Stad ende Provincie van Mechelen den Heyligen Rumoldus onder 't gezag der Zeer Edele, Weérde ende Voorzienige Heeren van het Magistraet der zelve Stad ende Provincie, en de medewerking van den Adel en de Borgery, uytgewerkt door de Latynsche Schoól onder de zorg der Priesters van't Oratorie van den Heere Jesus."[6][7] — In tegenstelling tot de eerste Hanswijkcavalcade, georganiseerd door de dalscholieren en jezuïeten, was de Sint-Romboutsmilleniumcavalcade onder wereldlijk gezag uitbesteed aan de 'oratoren', welke geestelijken zich na 22 jaar, zie 'Primus van Leuven', opnieuw bekwaam betoonden: Negenenveertig jaar na het luisterrijke evenement, schreef men tijdens de voorbereidingen van de Cavalcade 1825: "de feesten en vercieringen zullen te boven gaen alles het geéne 'er van dien aerd tot hier toe in Mechelen is gezien geweést, en byzonderlyk het duyzend-jaerig jubilé van 1775, van het welk onze ouderlingen nog met eene soórt van verrukking spreken."[8]

    De afwisseling van de organisatoren van de vroege Cavalcades: 1738 en 1744 (jezuïeten), 1753 (oratoren), 1763 (jezuïeten), 1775 (oratoren), schetst een door de jansenisten gewonnen machtsstrijd.[9] De derde Hanswijkcavalcade, in 1788, volgde pas vier jaar nadat ook haar eerdere medeorganisatoren, de dalscholieren, afgeschaft waren. Toch zouden de jansenistische oratorianen al in 1797 buitengezwierd worden, tijdens het Frans Revolutionair bewind.

  • 1825 "Beschryving der prael-wagens, ry-benden etc., etc., Met hunne bediedenis en de Naemen der gene die deze vertoonen, uytmaekende den prachtigen Prael-treyn, welken binnen Mechelen ter gelegentheyd van het duyzend-vijftig jaerig Jubel-feest van den H. Rumoldus, martelaer ... op de dynsdagen 28 juny, 5 en 12 july 1825 zal plaetshebben. Beneffens ... als ook ..."[8] In dit e-boek vindt u een zeer gedetailleerde beschrijving van de onderdelen van de herdenking in 1825; zo ook [10] (met geschiedenis van de stad). Net als de 340 kinderen in 1775, kregen de 240 aan de tweede Sint-Romboutscavalcade deelnemende jongeren van de Stad een zilveren penning.[11]
  • 1875 Voor de viering nogmaals een halve eeuw erna, ontwierp Willem Geets, actief in een toneelvereniging en directeur van de Academie voor Schone Kunsten, nieuwe wagens (zoals de stichter ervan al eerder had gedaan),[N 4] waarvan de overblijvende sindsdien een overgang vormen tussen de cavalcade van uitgebeelde scènes en de aloude Ommegang. Dit verklaart dat de 'Prediking van Sint-Rombout', duidelijk religieus, en de elitaire rederijkerstuigen als vast herbruikte artefacten veelal gerekend worden tot de overigens geheel profaan-folkloristische Ommegang.

Elk van deze vieringen deed zich voor in een apart historisch tijdvak: toen Mechelen een belangrijke garnizoensstad van de Oostenrijkse Nederlanden geworden was onder keizerin Maria Theresia en de keizer-koster net de jezuïetenorde had laten afschaffen; dan tien jaar na de verdwijning van de Fransen, onder Willem II nog tien jaar voor men wou dat hij wijzer wilde worden; tenslotte na veertig jaar België en 35 jaar spoorwegenbedrijvigheid. Nogmaals vijftig jaar later in 1925, met de door de Grote Oorlog verwoeste IJzerenleen heropgebouwd en volop in de Roaring Twenties met aantrekkende aandelenbeurzen nog vier jaar voor de Grote Crash, werd de patroonheilige opnieuw met een jubelprocessie met Ommegang gevierd maar Mechelen Mapt kon niet uitvissen of die een volwaardige Cavalcade mag genoemd worden.[N 3] Vast staat dat er geen uitging in 1975 wijl de oliecrisis zwaar doorwoog.

Koningshuis[bewerken]

Op 3 juli 1854 woonden koning Leopold I en de koninklijke familie de Cavalcade ter ere van het huwelijk (1853) van de Hertog van Brabant, kroonprins Leopold, met Marie Henriëtte van Oostenrijk bij.[12]

Keizer Karel anno 2000[bewerken]

In het herdenkingsjaar van de vijfhonderdste verjaardag van Karel V, 'in wiens rijk de zon nooit onderging' sinds hij te Mechelen was opgegroeid, ging in 2000 een extra editie van de Cavalcade uit. Hoogst ongebruikelijk gingen er ook een paar tientallen nieuwe reuzen mee uit de verscheidene Mechelse wijken en een menigte gastreuzen uit gans het land en Frans-Vlaanderen.

Oorsprong Ommegang[bewerken]

In 1303[13][14] werd een belegering van Mechelen door Leuven, Antwerpen en Brussel 'miraculeus' beëindigd.[15] De patroonheilige diende bedankt voor de verlossing uit de ongemeen zware ellende die de Hertog van Brabant, de Vreedzame, had veroorzaakt. Sindsdien ging op stadskosten een Sint-Romboutsprocessie, eertijds Peisprocessie genoemd vermits ze vrede (peis) afsmeekte, jaarlijks omheen de stad, een letterlijke ommegang met het reliekschrijn van de heilige. Het traject werd later binnen de stad gelegd. Naast ingelaste godsdienstige thema's,[N 4] met al meteen na de 14e eeuw ook wagens, raakten vermakelijkheden toegevoegd die van langsom burlesker werden tot de clerus ze begin 18e eeuw uit de processie weerde, waardoor de Ommegang zoals we die nu kennen een zeldzamere gebeurtenis werd. Hij ontbrak echter bij geen enkele Cavalcade. Het religieuze parcours op de woensdag na Pasen raakte stilaan beperkt tot binnen de kathedraal. Inmiddels (1914?) is de Sint-Romboutsprocessie in die van Hanswijk geïntegreerd, waarbij de Gilde der Kasdragers van Sint-Rumoldus voor het schrijn instaat.[16][17][18][19] Na ruim 7 eeuwen vredesprocessies is Mechelen (Mapt) gerust in de vooralsnog laatste Hertog van Brabant, de Brave, en niet minder in de allereerste Hertogin van Brabant.

Elementen van de Ommegang[bewerken]

Praalwagen De Lischbloem
Mechelse reuzen op de Grote Markt
Rad van Fortuin of Rad van Avontuur
Opsinjoorke volgt de pijltjes
  • De Prediking van de H. Rumoldus (ofte Sint-Rombout): sinds 1875. Vermoedelijk reed deze later ook bij een Boerenkrijgherdenking uit, want er is ooit naar verwezen als "van 1798". Hij reed meermaals als Wagen van de Landbouw.[N 5]
  • De 19e-eeuwse praalvoertuigen "van de rederijkers" die individueel ook "van rederijkerskamer ..." genoemd worden, zijn een evocatie van de bij hun bouw inactieve, louter historische De Lischbloem en De Peoene.[N 6]
  • Praalwagen van De Lischbloem (soms in hedendaagse spelling De Lisbloem): sinds 1875.
  • Praalwagen van De Peoene (de oude spelling voor 'pioen' blijft gehandhaafd): sinds 1875.
  • De Slede van De Peoene: sinds 1875.
  • De Kemeltjes: sinds 1501. Twee van de oorspronkelijk acht huppelende of dansende duo's in een kamelenlijf zodat slechts de onderbenen of voeten er nogal menselijk uitzien wijl een paar hoofden onder de 'rug' de bulten (met kijkgaten) van de eertijdse dragers der Drie Koningen vormen. Dit soort lastdieren komt ook voor in de Dendermondse traditie.[20]
  • De Paardjes: sinds 1648. Een achttal in ouderwets uniform verklede geschminkte of gemaskerde 'champetters' of allicht Franse soldaten die elk een potsierlijk 'paard' om de middel hebben en (op eigen benen) individueel 'chargeren' naar de toekijkers toe. Men ziet verwantschap met de 15e-eeuwse 'chivau frus' (chevaux fringants, chevaux fous) bij Franse carnavals.[21]
  • De traditionele stadsreuzen Goliath (in de volksmond 'de Oude Reus' of 'Grootvader Reus'), "de Reus" en "de Reuzin", en hun kinderen Janneke, Mieke en Klaaske, de jongste.
  • De Reus: sinds vóór 1492 (1481?). Gestalte ca. 4,15 m.
  • De Reuzin: sinds 1549. Gestalte ca. 4,15 m.
  • Goliath: sinds 1600. De halfzittende strijder draait het gehelmde hoofd constant links en rechts, de menigte overschouwend. Het is wel voorgekomen dat het mechanisme dat door de rollende wielen van de wagen wordt aangedreven, het liet afweten. Hoogte ca. 5 m. Vele optochten in Spanje (Barcelona, 1424) en België (alsook Bergen-op-Zoom, 1427, en Venlo, 1485) tonen de Bijbelse tegenstander van David. Mogelijk was er reeds in 1464 samen met David een Mechelse.[22]
  • Janneke: sinds 1618. Gestalte ca. 2,50 m.
  • Mieke: sinds 1618. Gestalte ca. 2,50 m.
  • Claeske (of in hedendaagse spelling Klaaske): sinds 1618. Gestalte ca. 2,50 m.
Bij de tonen van het refrein in het Reuzenlied, Kere weer-om, reuzeke, reuzeke, kere weer-om, reuzegom, dansten de vijf gedragen reuzen een kere weer-om ommedraai en een kere weer-om terug. Dit soort bewegingen vormen ook elders een intrinsiek onderdeel van de traditie.[23][24][N 7] Recent zette men de Reus en Reuzin op wieltjes, zodat ze niet de ganse tijd hoeven te worden gedragen maar ook de charme van een wat wiegende gang verloren.
De Mechelse reuzen zijn de oudste complete reuzenfamilie in het land; een amper oudere 15e-eeuwse reus dan de Reus komt slechts in enkele steden voor, zoals Gouyasse (Goliath) uit 1481 in Aat. De vroegste, 14e-eeuwse, Bijbelse reuzenfiguren als Sint-Joris en de draak, St.-Christoffel, of David en Goliath, uit zuiver religieuze ommegangen, gingen overal teniet.[23][25]
De Mechelse reuzen zetten nimmer een voet buiten hun stad; dat taboe geldt ook voor die van Aat, Geraardsbergen en Sint-Niklaas en voor het Ros Beiaard van Dendermonde. Ze mogen dus geen gastoptredens doen hoewel Mechelen in 2000 tientallen bezoekende stadsreuzen ontving.
  • Amir en Noa zijn sinds 2013 reuzenkinderen met weinig evidente verwantschap tot de Reus en Reuzin en hun leeftijdvoorstelling ten opzichte van die der bijna vier eeuwen oudere jong uitziende reuzen is alsnog onduidelijk. Het is Mechelen Mapt onbekend of deze nieuwe officiële stadsreuzen onder de eertijds vastgelegde verblijfregel vallen, dan wel als symbolische ambassadeurs voor Mechelen zouden mogen optreden.
  • Het Schip van 's Lands Welvaren ofte Schip van Oorlog, ook Kermisschip en Schip van Petrus genoemd geweest:[26] sinds 1647, of 1595[27]. Grote wagen die een (met echte personen) bemande driemaster voorstelt. Het loutere formaat vergt een weldoordacht parcours. In 1825 meteen na een wagen die het huis Oranje-Nassau met de Koning en de Koningin der Nederlanden voorstelde, reed de wagen "nu genaemd 's Lands Welvaeren", wat dus de recentere benaming is.[10] Een echt schip 's Lands Welvaren van de VOC had gevaren van 1690 tot 1701[28] (en nog een van 1762 tot 1772[29]).[N 8]
  • Het Viergebroederspaard ('t Veergɘbreudɘrspjeid): sinds 1415. Het Mechelse Ros Beiaard met de vier 'heemskinderen' ging het Lierse vijf jaar vooraf en is bijna een halve eeuw ouder dan dat van 1462 (vergangen, huidige van 1948) te Aat en het pas in 1460 vermelde Dendermondse gevaarte.[30][31][32] In 1988 en 2000 zag de Dijlestad nɘ Veerpɘrsoenskabbriollε, vermits haar Ros net als Reus en Reuzin gerold werd.[33] De berijders bleven wel steeds lokale broers.[34]
  • Het Rad van (of der) Fortuin of van Avontuur: sinds 1615. Een schuin-horizontaal karrewiel dat net de grond raakt zodat het ronddraait wijl het (omsloten) karretje voortgetrokken wordt, waardoor de acht erop staande figuren omheen Vrouwe Fortuna voortdurend beurtelings hoger of lager komen te staan, verzinnebeeldt het wisselende lot dat ieder kan overkomen.[35]
  • Opsinjoorke: sinds 1647 of 1648 en toen Sotscop geheten. De oude stadsmascotte blijft veilig opgeborgen, slechts een kopie van de pop wordt vanuit het lakenzeil opgegooid en er terug in opgevangen. Oorspronkelijk werd op vrijgezellenavond de bruidegom getost. Die Zatten Bras werd dan wel eens de Vuilen Bruidegom, of erger. Na veel straatongevallen werd de traditie verboden en benutte men symbolisch een pop, welke die cursieve spotnamen droeg tot ze Opsinjoorke genoemd werd, vermits Mechelaars graag met Sinjoren lachen.

De Ommegang wordt door Unesco erkend als Meesterwerk van het Immateriële Culturele Erfgoed van de Mensheid, inzake onder de Reuzen en Draken in Stoeten te België en Frankrijk.[36][N 9] In deze context is bijvoorbeeld het Ros Beiaard een draak van een paard; Unesco zou zich eens een spiegel mogen voorhouden.

Alfred Ost creëerde een serie van 11 prenten over de Ommegang, met als twaalfde kaart in feite een pamflet dat stelt: "De roemrijke mechelse 'Reuzenstoet' verbleef in de 'Reuzenhalle' van rond 1625 tot 1875 en gedeeltelijk tot onze dagen 1906-1912... Hierom, en om de tegenwoordige opvallende pracht der aloude 'Reuzenhalle' en het indrukwekkend schoon van het eeuwenoud 'Belfort' wil 'Mechelen' met al de Heeren Kunstenaars van het Land en van den Vreemde, deze eigenaardige 'Landsmonumenten' bewaren!!! Niet ombouwen maar eerbiedig herstellen!!! — Mechelen 27. VII.XII" (1912-07-27).[37] De Stad liet het erfgoed daarop tientallen jaren lang verkommeren in het 'Hooimagazijn' aan de Minderbroedersgang.

Herschapen Ommegangselementen[bewerken]

Voor de Cavalcade in augustus/september 2013 creëerde poppenmaker Paul Contryn een aantal sedert onheuglijke tijden uit de Ommegang verdwenen figuren, waaronder de Draak, de Walvis en de Eenhoorn.[38][N 10] De Walvis met op stokken rondvliegende zeemeeuwen en de steltlopende Eenhoorn borduurden verder op de doorzichtige minimalistische edoch suggestieve uitbeeldingen die bij andere gelegenheden her en der reeds een bijna voorspelbaar gezicht geworden zijn. De vervaarlijk beweeglijke driekoppige vuurspuwende zwarte Draak die met zijn staart drie gevangen deernen luidkeels doet spartelen, vormt met zijn duidelijk 21e-eeuwse stijlkenmerken de imposante, herkenbare en gelijktijdig tot de verbeelding sprekende verschijning welke de historische figuren tot cultureel erfgoed maakten. Zoals het Ros door het zand kon vliegen, mag de Draak nog zeshonderd jaren klapwieken en de eenvoudige muziekbeleiding kan de nieuwe norm worden voor draconische ritmiek.

Unesco erkende slechts gedragen reuzen als werelderfgoed. Te Mechelen zijn dit rieten constructies met hoofden en handen in hout. De door wielstellen (waarvan de aard en materialen niet bekendgemaakt werden) veroorzaakte breuk met de traditionele bewegingen van de Reus (en van zijn minstens 58 jaar jongere gade) op de maat van het oude Reuze[n]lied (mannelijk enkelvoud De Reus die kom', Reuz[ɘ]ke Reuz[ɘ]ke ... Reuzegom), werd geaccentueerd door het 'restylen' van die klassieker,[N 7] naar verluidt tot een "geslaagde remix", in opdracht van de Erfgoedcel Mechelen.[38][39]
Toch heel anders klinkt het sinds april 2013 vanaf de Sint-Romboutstoren op de halve uren en speelt op de voorname hele uren — zoals het een ware
B
b 
eiaard
betaamt — het Viergebroederslied van Mechelen.[40][41][N 11]

Gelijktijdig met haar verbijsterende miskenning van de achthonderdjarige ritmiek, leek de Erfgoedcel wel Unesco's aandacht voor het dragen van de mythische figuren te hebben opgemerkt want er werd beroep gedaan op het Maison des Géants uit Aat, om na te gaan of Mechelens grootste dansende wandelaars en vervaarlijkste strijdros dat "kan lopen... kan springen... kan vliegen door het zand"[41][N 12] veilig op hun geliefde wijze de straat op mochten, al was het niet evident dat de Waals-Brabantse ervaring en het enthousiasme van de dragers zich tot een hiphopcadans zouden uitstrekken.[33]

Op 25 augustus was het Ros nochtans een vierlingstootkar en, mét de rapversie van het Reuzenlied, bleken de reuzen in goede New Orleans traditie[42] bij de vrolijke tonen van een dixielandband ten grave gedragen. De week daarop liep die muziekband wel elders doch verrassend kwam de Reuzin niet kort na of naast de Reus, maar liet zij hem ruim honderd meter achter zich, zonder klank alsof 't koppige ruzie was.

Nieuwe Ommegangselementen[bewerken]

In 2013 kreeg Mechelen er twee reuzenkinderen bij, Amir en Noa. Merkwaardig en in het processiegedeelte eerder misplaatst, waren drie wandelende kubussen die een poppenkast vormden. Een opengewerkte wereldbol gedragen en omringd door janussen, meteen gevolgd door acrobaten en jongleurs, ging de vanouds gekende Ommegang onmiddellijk vooraf.

Varia[bewerken]

  • In de jubeljaren blijft de sinds de 13e eeuw jaarlijkse Hanswijkprocessie, op zondag voor Ons-Heer-Hemelvaart ongewoon eenvoudig, een vooral biddende herdenking van het naar verluidt miraculeus opduiken van een mariabeeld, naar schatting in 988. De 750e verjaardag daarvan, dus in 1738, was trouwens de aanleiding voor de Dalscholieren om, met medewerking van de Jezuïeten, een grote stoet te organiseren waarin de oude klerikale processie en stedelijke elementen samengebracht werden: de eerste Cavalcade. Vooral de devotie van historische wereldlijke leiders werd belicht; het vrijwel louter godsdienstige karakter bleef behouden tot bij de Belgische onafhankelijkheid. In 1838, 1888 en 1913 traden geschiedkundige feiten op de voorgrond.[43] Nadat vanuit vijf hoeken van de stad 20 Vlaamse mariabeelden in processie samengekomen waren in mei voor de milleniumviering van Onze-Lieve-Vrouw van Hanswijk, uiteraard na 250 jaar Cavalcades, zette de Cavalcade 1988 uit de Mechelse geschiedenis vooral christelijke aspecten in de verf.[44] Paus Johannes Paulus II had slechts drie jaar eerder te Mechelen gebeden bij het madonnabeeld in de Hanswijkkerk en deze nog geen jaar verheven tot basiliek.[45]
  • De Cavalcade van 2013 wordt ook wel de 12e Hanswijkcavalcade genoemd. De 'extra edities' voor andere herdenkingen of huldigingen worden er niet in meegeteld.
  • Bij elk der drie Sint-Romboutscavalcades en verscheidene Hanswijkcavalcades werden gedenkpenningen geslagen, zie ons artikel.
  • Het uitzonderlijk grote interval vindt sinds 1912 navolging te Poederlee, met de Ommegang van de Hegge. Het is er nu dus wachten op 2037.[46]
  • Het nabije stadje Lier heeft behalve looppaardjes en één kemel (beide diersoorten sinds 1513) ook een naamloze 'Reuzin', Janneke en Mieke en een Schip van 's Lands Welvaren' (uit 1929 doch voor 't eerst vermeld in 1840) – naast figuren die in diverse andere plaatsen voorkomen: een Goliath (sinds 1469 of 1473)[22] en een Ros Beiaard (sinds 1420).[30][47]
  • In 1988 werd bij het einde van de Ommegang ook een bierkar opgemerkt. Een beschrijving uit Brugge lijkt van toepassing op dit type: "Tot in 1920 bestond te Brugge het ambacht van de 'biervoerders' ... . Twee mannen voerden de biertonnen naar de herbergen en huizen op een soort slede, die liep op twee wielen. Tussen de balken van de slede lagen de biertonnen. Deze bierkar werd altijd getrokken, nooit voortgeduwd. Een van de mannen liep tussen de armen of 'tramen' en de andere liep naast hem mee. Beiden hadden een brede riem over borst en schouder; de riem zelf was vastgehaakt aan een van de haken van de bierkar en op deze wijze trokken ze de kar voort. De twee mannen droegen de tonnen in de kelders aan een zware houten draagbalk, die op hun schouders rustte. De ton hing tussen hen aan twee ijzeren haken die pasten in de uitstekende boorden van de ton."[48] Te Mechelen was het een groepje muzikanten, waarvan er één op een tonnetje en één voorop een gestoten bierkar zaten.

Galerij[bewerken]

Naast die hierboven toonbare fotoseries omvat de site ook teksten over de Cavalcade (1988) en haar geschiedenis:
Millenium Hanswijk — Mechelen Hanswijk 1000 — 11de Cavalcade - Ommegang — 15, 21 en 28 augustus 1988. Nagezien 2013-04-10.


Externe links[bewerken]

Bronnen[bewerken]

  1. (en) Diverse auteurs. Archduchess Maria Anna of Austria (governor). Wikipedia in English (2013-03-13). Nagezien 2013-05-06.(Het overeenkomstige artikel op de Nederlandstalige Wikipedia bleek beneden peil; volg eventueel links naar de Duits- of Franstalige.)
  2. Korte beschryving van het orden der prachtige ry-bende of cavalcade verciert met verscheyde zegen-wagens ... die ten opsight van de blyde komste binnen de stad van Mechelen van ... Maria Anna Arts-Hertoginne van Oostenryck, ende Carolus Alexander Prins van Lorreynen ... sal uytgevoert worden door de jonckheyt van het gymnasium der Societeyt Jesu den ... meert 1744 .... Joannes Jacobs, Leuven (1744). Slechts titel nagezien 2013-05-06.
  3. Saerens, Lieven. Inventaris van het Archief Robert Vandekerckhove 1917-1980 (Pdf). KADOC (KU Leuven). Nagezien 2013-04-23.
  4. Cavalcade ende triumph-waegens ... Cornelius Franciscus Nelis ... Eersten van Loven ... Publieke Schole van Mechelen ... 't Oratorie. Laurentius Vander Elst, Mechelen (1753) (e-boek: Google 2008). Nagezien 2013-04-23.
  5. Van der Aa, A. J.. Cornelis Franciscus de Nelis. Biographisch woordenboek der Nederlanden. Deel 13. J. J. van Brederode, Haarlem (1868) (web: DBNL 2009). Nagezien 2013-04-23.
  6. (nl, latijn) Prael-treyn verrykt door ry-benden, prael-wagens zinne-beélden en andere oppronkingen.... Joannes-Franciscus Vander Elst, Mechelen (1775) (e-boek: Google 2012). Nagezien 2013-05-01.
  7. (fr) Catalogue d'une belle collection de Livres, ... suivi de musique, objets divers etc., Délaissés par plusieurs Défunts p. 52. C. J. Fernand, Gent (1820) (e-boek: Google 2010). Nagezien 2013-04-08. "Praeltreyn toegeschikt aen het duyzend jaerig jubilé van den H. Rumoldus, martelaer en bisschop van Mechelen, gevierd in het jaer 1775, met printen. Mechelen 1775. v.b." Titel van een document uit 1775, vermeld bij de in 1820 te koop gestelde collectie.
  8. 8,0 8,1 Beschryving der prael-wagens, ry-benden ... en de naemen dergene die deze.... P. J. Hanicq, Mechelen (1825) (e-boek: Google 2010). Nagezien 2013-04-08.
  9. Bellon, Marc. De strijd tussen jezuïeten en oratorianen. Mechelen anno 1746 - 1794. Auteur op blog.seniorennet.be (2007-06-19). Nagezien 2013-05-05.
  10. 10,0 10,1 Prael-treyn, plegtigheden, vreugde-feesten en vercieringen van het vyftig-jaerig jubilé der martelie van den heylighen Rumoldus. Van Velsen-Van der Elst, Mechelen (1825) (e-boek: Google 2009). Nagezien 2013-04-18.
  11. (fr) Festivités en l'honneur de Saint Rumold (e-boek (ook andere formaten)). Bulletin du Cercle archéologique, littéraire et artistique de Malines, tome treizième p. 302–303, 306. L. & A. Godenne, Mechelen (1903). Nagezien 2013-07-24.

  12. 1) Seldenslagh, C. Cavalcade et fêtes publiques données par la ville de Malines à l’occassion de la visite de S.M. Le Roi et de la famille royale le 3 juillet 1854. Slechts bestaan van de titel nagezien 2013-04-18
    2) (fr) Société de Malines pour l'encouragement des Beaux-Arts. Exposition de 1855 Catalogue des ouvrages de peinture, sculpture, etc exposés au salon dans le local des Halles le 1 Juillet 1855. Exposition de 1853 Catalogue... + Exposition de 1855 Catalogue... p. 54. P. J. Hanicq (1853), H. Dessain successeur de P. J. Hanicq (1855)(*) (e-boek: Google 2011 (*) Google liet uit referenties 1855 weg.). "109 Cavalcade à l'occasion du mariage de S. A. R. le Duc de Brabant; 3 juillet 1854" (Kunstwerknr. en benaming op lijst)
  13. De Pauw, Willem. I.1.B.1. Mechelen en haar meesters doorheen de tijd: Een kort overzicht. De opstand van 1467 te Mechelen (scriptie Lic. Geschiedenis). Universiteit Gent (2003). Nagezien 2013-04-13.
  14. Vandecandelaere, Hans. Een opstand in "zeven aktes": Brussel 1303-1306 (Pdf). Brusselse Cahiers Bruxellois, 2008 p. 19-20, 56. (web: Caldenberga). Nagezien 2013-04-13. "Nadat een poging om de stad in te nemen mislukte, werd een maandenlang beleg opgeworpen. De Mechelaars onderwierpen zich op 28 juni 1303"
  15. 't Joncke, Sarah; David, Annelies. Vechten voor vrijheid – Het beleg van Mechelen in 1303 (Pdf). Middelnederlandse Kronieken. 'HUBrussel – Katholieke Universiteit Brussel' [eig. HUB] (2008). Nagezien 2013-04-13.
  16. Relieken. Sint-Romboutskathedraal. 'Sint-Romboutstoren' Toerisme Mechelen. Nagezien 2013-04-13.
  17. Caers, Bram. Laatmiddeleeuwse processiecultuur in de stad Mechelen. Cursusinformatie Middelnederlandse letterkunde – Studiegidsnr. 2001FLWTLN. Universiteit Antwerpen. Nagezien 2013-04-13.
  18. Cuypers, Kelly. Bomvolle tribunes voor Hanswijkprocessie - Sterke mannen dragen Mariabeeld door Dijlestad. De Standaard (2007-05-14). Nagezien 2013-04-13.
  19. SVH. Sint-Rumoldus knapt reliekschrijn op. Gazet van Antwerpen, regio Mechelen (2007-05-10). Nagezien 2013-04-13.
  20. (fr) L'histoire des géants. Association régionale La Ronde des Géants (Ronchin). Nagezien 2013-04-12. Incl. afbeeldingen van de Mechelse Kemeltjes.
  21. (fr) Danses folkloriques. Lou Cepoun Frejuren, Groupe de Maintenance des Traditions Provençales. Nagezien 2013-04-14. (met afbeelding)
  22. 22,0 22,1 (fr) Wiki-auteurs. Goliath (géant processionnel). Franstalige Wikipedia (versie 2013-01-12). Nagezien 2013-04-12.
  23. 23,0 23,1 Over reuzen. Reuzen in Vlaanderen vzw. Nagezien 2013-04-14.
  24. van Duyse, Florimond. Al die daer zeidt: "de Reus die kom'!" (Reuzelied). Het oude Nederlandsche lied. Deel 2.. Martinus Nijhoff/De Nederlandsche Boekhandel, Den Haag/Antwerpen (1905) (web: DBNL 2007). Nagezien 2013-04-25.
  25. Reuzen: Waar komen ze vandaan?. Reuzen in Antwerpen. Reuzengesprek Antwerpen, feit. vereniging. Nagezien 2013-04-14.
  26. JSME. Schilders Syntra restaureren Schip van Oorlog. Gazet van Antwerpen, regi Mechelen (2013-04-28). Nagezien 2013-05-03.
  27. Foto uit de oude doos: het schip van oorlog uit de Mechelse Ommegang. Stadsarchief Mechelen (2013-02-01). Nagezien 2013-05-03. (incl. foto uit 1913)
  28. o.a. uit Amsterdam in december 1696: Leeshulp gevraagd: Scheepssoldijboek 's Lands Welvaren 1696 Jan van der Zee Amsterdam. Stamboomforum Nederland. Nagezien 2013-04-18. (Incl. foto uit het scheepssoldijboek "In t Schip, slantswelvaren anno 1696")
  29. Welvaren, 's Lands 1762. VOC. Nagezien 2013-04-18.
  30. 30,0 30,1 De vroegere ommegangen te Lier. Dietsche Warande (tijdschrift), nieuwe reeks 2, jaargang 4. Dietsche Warande (1891) (web: DBNL 2012). Nagezien 2013-04-26.
  31. (fr) Description du Géant Le Cheval Bayard 'Ath Hainaut'. Les Géants de Belgique et du Monde. Website Les Géants de Belgique et du Monde op wifeo.com. Nagezien 2013-04-26.
  32. Ros Beiaard. Stad Dendermonde. Nagezien 2013-04-09.
  33. 33,0 33,1 SVH. Praalwagens en reuzen verhuizen met politie-escorte. Gazet van Antwerpen, regio Mechelen (2013-02-28). Nagezien 2013-04-24.
  34. Foto uit de oude doos: het Ros Beiaard uit de Mechelse Ommegang. Stadsarchief Mechelen (2013-03-15). Nagezien 2013-04-27. (incl. foto uit 1913)
  35. Foto uit de oude doos: het Rad der Fortuin uit de Mechelse Ommegang. Stadsarchief Mechelen (2013-04-19). Nagezien 2013-05-03. (incl. foto allicht uit 1913)
  36. (en) Processional giants and dragons in Belgium and France. Unesco. Nagezien 2013-04-08. of alternatieve url
  37. Binding van Alfred Ost met Willebroek, Mechelen en Zwijndrecht. Vlaanderen (tijdschrift), jaargang 33. Christelijk Vlaams Kunstenaarsverbond, Roeselare (1984) (web: DBNL 2012). Nagezien 2013-04-12.
  38. 38,0 38,1 Mechelen maakt zich op voor de Ommegang!. Erfgoedcel Mechelen (2012 of 2013). Nagezien 2013-04-24.
  39. Smets, Jan. (2012-10-18) 'Al wie daar zegt de reus die komt...' Mechelen Blogt. Nagezien 2013-04-24.
  40. NIGE. Beiaard speelt nieuwe deuntjes. Gazet van Antwerpen, regio Mechelen (2013-04-05). Nagezien 2013-04-24.
  41. 41,0 41,1 Cobbaut, Willy. ’t Ros Beyaerd doet syn ronde in de stad van Dendermonde (Pdf). De Driesprong, jaargang 4, nr. 6 (tijdschrift). Vlaamse Volkskunstbeweging vzw (2010 mei-juni). Nagezien 2013-04-27. (Incl. uittreksel uit het Mechels Viergebroederslied)
  42. (en) Dixieland Funeral. Swing Street Ensembles (2009). Nagezien 2013-08-25.
  43. Mechelse helden op praalwagens (tentoonstelling Galerij CG). Stad Mechelen (2012). Nagezien 2013-04-18.
  44. Terugblik op de viering van 1000 jaar Hanswijk. Kerk in Vlaanderen. Nagezien 2013-04-25.
  45. Pausbezoek Hanswijk in 1985. Kerk in Vlaanderen. Nagezien 2013-04-18.
  46. 25-jaarlijkse Ommegang van de Hegge. Immaterieel Cultureel Erfgoed Vlaanderen. Nagezien 2013-04-08.
  47. Lier, Zimmerstoet 1988. Erfgoedbank Kempens Karakter. Erfgoedcel Kempens Karakter. Nagezien 2013-04-09.
  48. De Smet, Jos. Dagelijks leven in Brugge – Volkstypen en straattonelen (Pdf). Bibliotheek van de Westvlaamse letteren, zomer 1974. Vereniging van Westvlaamse schrijvers vzw.
  49. 49,0 49,1 Prent uit 'Enkele overleveringen en gebruiken van Belgische Folklore', uitgegeven door Côte d'Or.
  • Bepaalde voetnoten hieronder bevatten de voor hen specifieke bronvermeldingen.

Voetnoten[bewerken]

  1. Hier wordt de Ommegang beschreven als de stoet van oudste relicten, bijvoorbeeld als onderdeel van de Cavalcade. Het is ook verdedigbaar te spreken van de Cavalcade en Ommegang, gescheiden. In sommige bronnen omhelst de term 'Ommegang' ook de profane historische uitbeeldingen die er gebruikelijk, net als de meer religieuze, aan voorafgaan; de term Cavalcade wordt dan zelfs wel eens beperkend benut voor dat religieuze onderdeel van de stoet. Een cavalcade is evenwel een stoet van paarden (cf. cavalerie; Spaans caballo: paard) en (etymologisch in principe door paarden getrokken) wagens, wat de sacramentsprocessie net ontbeert. Reeds de allereerste Hanswijkcavalcade omhelsde trouwens de stadsmascotte en -reuzen en het paardgetrokken Rad van Avontuur. — Bron:
    Kort begryp der geschiedenis van het mirakuleus beeld van O. L. V. van Hanswyck, eertyds buyten, nu binnen Mechelen, of... p. 12. J. F. Gilis, Mechelen (1838) (e-boek: Google 2008). Nagezien 2013-05-06.

    Het ouderwetse 'praaltrein' kan de betekenis hebben waarvoor Ommegang in dit artikel gebruikt wordt en het verouderde 'rijbende' kan synoniem zijn van cavalcade, de historische uitbeeldingen met ruiters; elk van beide oude woorden kan echter net zo goed slaan op het geheel, waarvoor in dit artikel Cavalcade gebruikt wordt.
  2. De winnaar van de jaarlijkse concursus generale van de Leuvense universiteit, werd in de 18e eeuw luisterrijk ingehaald in diens geboorteplaats, of dat nu Tilburg, Maastricht, Haren en Megen of Zomergem was, en de prestigieuze titel 'Primus van Leuven' bleef de persoonsnaam vergezellen in vrijwel alle latere vermeldingen.
  3. 3,0 3,1 Hoewel 1675 voor Mechelen een bloei-jaar kan lijken vermits mooie huizen opgericht werden, de bouw van de Hanswijk- en St.-Pieter-en-Pauluskerken flink vorderde en het laatste stukje vliet van de IJzerenleen overwelfd raakte, toch allicht door de Frans-Nederlandse Oorlog en epidemieën vijf jaar uitgesteld, was er voor Sint-Rombout een jubelviering waarover Mechelen Mapt niet kon nagaan of reeds een ware cavalcade voorkomt in 'Beschryvinge der negen-hondert-jaerige jubelfeest van den H. Rumoldus, bischop ende martelaer, mitsgaders ende patroon van Mecheln: aldaer geviert in het jaer 1680'. Vander Elst, Mechelen (1774). Samengebonden met druksels uit de 17e eeuw (Pdf). Dat zou evenwel 58 jaar voor de als eerste beschouwde, de Hanswijkcavalcade van 1738, zijn.
    Sint-Romboutsviering 1925.jpg
    Waarschijnlijker zou er na 1775, 1825 en 1875 één blijken uit in dezelfde lijst vermelde Laenen, J. 'Sint-Romboutsviering te Mechelen 775 - 1925: Programma der Jubelprocessie en der Godsdienstige Plechtigheden in de maand Juli 1925'. W. Godenne, Mechelen (1925), waarvan de kaft gelinkt is in het miniatuurtje hiernaast, of uit Laenen, J. (1924-08-17) 'Sint Rombout en zijne viering', knipsel uit 'Ons Volk ontwaakt'‍, in het stadsarchief [V722 olim hs 215]. Dit laatste bewaart ook briefwisseling, verslagen en krantenknipsels van de destijdse toeristische dienst, de Vereniging Mechelen-Aantrekkelijkheden, over ‍'deelname aan de jubelfeesten en ommegangen in 1925 en 1927, aan de Landbouwstoet van 1925 ter gelegenheid van de Sint Rumoldusjubelfeesten en ter herdenking van het 450-jarig bestaan van het "Oud-Hoveniersambacht"  [V846].
    Volledigheidshalve: De Stad bezit een schilderij Praaltrein van 1858 cavalcade te Mechelen dat zij in 1853 weet te dateren. Was het die van 1854 n.a.v. het huwelijk in 1853 van prins Leopold?
  4. 4,0 4,1 In een ruime eeuw tot 1875 ontwierpen verscheidene gekende Mechelse kunstenaars praalwagens: de schilder Willem Herreyns als jonge oprichter van de Mechelse Academie, samen met beeldhouwer Pieter Valckx (bedoeld voor 1775 al is het Mechelen Mapt niet duidelijk of ze toen al effectief mee reden gezien uiteindelijk niet hun opdrachtgever die Cavalcade organiseerde maar zeker raakten minstens enkele ooit mee), evenals de schilder Jan Vervloet. — Bronnen:
    1) Bellon, Marc. De eerste bouwplannen van de wagens – 1773. Mechelen anno 1746 -1794. Auteur op blog.seniorennet.be (2007-06-18).
    2) Mechelse helden op praalwagens. Uit in Vlaanderen (CultuurNet Vlaanderen) (2012). (klik meer details.)

    Het zou best kunnen dat Willem Geets zich bij zijn ontwerpen voor de Sint-Romboutscavalcade van 1875 inspireerde aan het in deze tekst aangehaalde citaat: "In 1561 had te Mechelen de jaarlijksche processie ter eere van den H. Rumoldus met groote' plechtigheid plaats; «de Gildebroeders van de Peoene hadden het bestier in desen Ommegang, in den welcken verscheyde verbeeldtenissen waeren, als onder ander, de Verrysenisse van Christus, de Apostelen, Rumoldus, Libertus, de dry Marien, andere maegdekens, ende meer andere personagien die gestelt waren op Sledden, Wagens ende Peerden. Philippus Ghysemans, Facteur van de Peoene, hadde hier toe gemaeckt verscheyde geschriften, moraelen, gedichten, etc.».5) De stomme vertooningen van de processie zijn langzamerhand veranderd in voorstellingen met alleen- en samenspraken en met eenige actie." — Bron:
    Worp, J. A.. De Middeleeuwen - Het geestelijk drama - iv. Stomme vertooning, processie- en wagenspel , vastenavondspel, het feest van den ezelpaus. Geschiedenis van het drama en van het tooneel in Nederland p. 46. Fa. Langerveld, Rotterdam (ca. 1903). Nagezien 2013-04-13. De voetnoot 5) bij het citaat erin verwijst naar 'Vgl. G. J. J. van Melckebeke, Geschiedkundige aenteekeningen rakende de Sint-Jans-gilde , bygenaemd De Peoene , onder de zinspreuk : In principio erat verbum , Mechelen, 1862, blz. 61.'
  5. In de mooie foto als 'Wagen van den Landbouw' (1913) herkent men de vorm en opstelling van figuranten als 'De Prediking van Sint-Rumoldus' (1988), bij welke benaming de wagen tot stand was gekomen.
  6. De Peoene uit 1466 (vanaf 1472 als 'Gesellen van de Pyonen') bestaat nog steeds, al was de rederijkerskamer in 1797 door de Fransen afgeschaft en herrees ze pas in 1966 voor de gefusioneerde toneelverenigingen 'De Taalzucht' en 'De Morgenster'. De Balsemblomme was in 1493 te Mechelen gesticht als vorstelijke kamer doch bleek al in 1505 te vertoeven in Gent, dat vanaf 1512 haar vaste locatie werd. Beide wat jongere Mechelse rederijkerskamers, De Lis(ch)bloem (waarin na de oprichting rond 1510 wellicht 'De Gheraepte Loeten' uit 1478 al gauw opgingen) bestond tot ca. 1599 en De Boonbloem van 1518 tot ca. 1596. De oude namen werden door de Stad opnieuw toegekend aan relatieve nieuwlichters: in 1974 aan de in 1874 gestichte toneelvereniging 'Voor Vrijheid en Moedertaal' die herdoopt werd tot De Moedertaal (doch als De Lischbloem in overgrootmoeders taal gespeld), en aan de in 1894 als 'Werkmanskring' ontstane en via 'Het Christen Werkersverbond' geëvolueerde kring Voor Taal en Kunst, eveneens in haar honderdste geboortejaar. De Ghesellen vanden Palmryze is een in 1997 erkende Mechelse kamer voor de toneelvereniging De Dijlezonen, welke daartoe haar 125-jarig bestaan had moeten afwachten. — Bronnen:
    1) Van Bruaene, Anne-Laure. De Peoene. Repertorium van rederijkerskamers in de Zuidelijke Nederlanden en Luik 1400-1650. DBNL (2012) (2004). Nagezien 2013-04-12.
    2) Geschiedenis. Theater De Peoene vzw, aloude rederijkerskamer. Nagezien 2013-04-12.
    3) Van Bruaene, Anne-Laure. De Balsemblomme. Repertorium van rederijkerskamers in de Zuidelijke Nederlanden en Luik 1400-1650. DBNL (2012) (2004). Nagezien 2015-03-30.
    4) Van Bruaene, Anne-Laure. De Lisbloem. Repertorium van rederijkerskamers in de Zuidelijke Nederlanden en Luik 1400-1650. DBNL (2012) (2004). Nagezien 2013-04-12. Noot: De auteur beperkte haar opzoekingen allicht tot de periode in de titel van haar werk.
    5) Van Bruaene, Anne-Laure. De Boonbloem. Repertorium van rederijkerskamers in de Zuidelijke Nederlanden en Luik 1400-1650. DBNL (2012) (2004). Nagezien 2013-04-12.
    6) Van Bruaene, Anne-Laure. De Geraapte Loeten. Repertorium van rederijkerskamers in de Zuidelijke Nederlanden en Luik 1400-1650. DBNL (2012) (2004). Nagezien 2013-04-12.
    7) Voor Taal en Kunst — Geschiedenis. VTK. Nagezien 2013-04-12.
    8) TDM Theater "De Moedertaal". Cultuurraad Mechelen. Nagezien 2013-04-12.
    9) Rederijkerskamer De Ghesellen vanden Palmryse (Pdf). e-Melaan 2008/3 (september) p. 8-9. Cultuurraad Mechelen. Nagezien 2013-05-17.
    10) D'Haese, Gaston. De Rederijkers – Zuidelijke Nederlanden. Uitg.: auteur (© 2004-08-14). Nagezien 2013-05-17.
    11) Jaarboek De Fonteine. Jaargang 1999-2000. p. 7-8. Koninklijke Soevereine Hoofdkamer van Retorica 'De Fonteine', Gent (2001) (web: DBNL 2010). Nagezien 2013-04-12.
  7. 7,0 7,1 De melodie van het Reuzenlied is verwant met de Conditor alme siderum en met een Souterliedeken van Jacobus Clemens non Papa, welke gekend is daartoe nog oudere drinkliederen en andere volksmelodieën te hebben herbruikt. De genoemde Latijnse hymne die in verband gebracht wordt met het Souterliedeken Den lofsanck Marie uit 1540, zou niet geleden hebben van 13e-eeuwse invloeden die vele andere hymnen van hun ritme beroofden. — Bronnen:
    1) 'Guy' [blogger]. Reuzenlied (aanvullende link naar YouTube: niet langer beschikbaar). Stadsreuzen in Vlaanderen en daarbuiten (blog). Uitg.: auteur op bloggen.be (2010-01-01). Nagezien 2013-04-25.
    2) Boone, Albert. Het Vlaamse Volkslied in Europa, volume 1 p. 730. Lannoo (1999) (webuittreksel: Google Books). Nagezien 2013-04-25.
    3) van Biezen, Jan. Anoniem: Conditor alme siderum. (Pdf). Het ritme van de Latijnse hymnen.. Nagezien 2013-04-25.
  8. De bron 'Prael-treyn, plegtigheden, vreugde-feesten...' uit 1825 vermeldt op 't Schip twee Chinezen, een Amerikaan, een engel, de kapitein en als hoofdpersonage "De H. Catharina". Hoewel te Mechelen Catharina van Alexandrië veeleer Sint-Katelijne genoemd werd, mogen we niet aannemen dat het om de tijdgenote van 's Lands Welvaren Henriëtte Catharina van Oranje of van Nassau (1637-1708) ging. Mechelen Mapt vond evenmin een heiligenstatus voor de wel eens met een engel vergeleken en als levend met een engel vernoemde Catharina van Nassau (1543-1624), wier broer Willem van Oranje te Mechelen het Hof van Nassau had, waar nadien het 'Godshuis Sint-Catharina' of 'van de Heilige Drievuldigheid' gesticht werd. Een voetnoot gist naar de betekenis van het Schip als dat waarmee Sint-Rombout aankwam of als symbool van de Kerk, en stelt dat het allicht meerdere namen en bedoelingen heeft gehad, dateert van 1647 en waarschijnlijk is bekostigd door de schippers "doór welkers kinderen alle deszelfs personagiën altyd verbeéld worden" en die kennen terdege Sint-Katelijne, Catharina van Alexandrië, als patroonheilige. — Bron:
    Simoens, Dries et al. Sociale zekerheden in vraagvorm – liber amicorum Jef van Langendonck p. 500–501. Intersentia (2005). Nagezien 2012-05-11.
  9. De in stoeten gedragen reuzen en mythische dierenfiguren werden erkend in 2005 als 'Meesterwerk van het Orale en Immateriële Erfgoed van de Mensheid' en overgenomen bij het in 2008 herziene Unesco-programma, in de representatieve lijst van het 'Immateriële Culturele Erfgoed van de Mensheid'. Het zijn Belgische en enkele Franse tradities: Kassel en Dowaai (voormalig graafschap Vlaanderen), Pézenas (Languedoc) en Tarascon (Provence).
  10. De Eenhoorn, geschonken door de lakenmakers, volgde in 1775 tussen de 6e en 7e praalwagens, nog vóór de Ommegang. — Bron: zie 'Prael-treyn verrykt...' (1775).
  11. De Sint-Romboutstoren bevat twee complete functionele beiaards. Het mechanisme dat in 1733 één uit 1564 verving en verbonden is aan (een gedeelte van) de oude beiaard omvat een trommel met versteekbare pinnen zodat bijvoorbeeld jaarlijks de elk uur terugkerende tijdstipafhankelijke melodieën van opzettelijk ongelijke duur willekeurig geprogrammeerd kunnen worden, wat de muzikale kennis vergt van een beiaardier, inzake de stadsbeiaardier. Door sleet en gebrekkig onderhoud klonken tijdens de 20e eeuw de noten uit de maat en raakten er overgeslagen, tot de 'rammel', zoals zowel het systeem als het geluid sindsdien heten, begin jaren '60 van arren moede werd stilgezet. Dit verklaart dat het vooral oudere Mechelaars zijn die een terminologie behielden gebaseerd op het eeuwenlang typische 8 keer luiden per uur, want ook op de halve kwartieren: zo zegt men 't alfkɘ naa-j-alfzes (5:37:30 of 17:37:30), kwart van dɘn zessɘ (5:45 of 17:45) en 't alfkɘ van dɘn zessɘ (5:52:30 of 17:52:30). Sinds 2009 laat de gerestaureerde rammel zich opnieuw glorieus aanhoren.
  12. De bron 'Beschryving der prael-wagens, ry-benden...' uit 1825, p. 24-25, bevat de volledige tekst van het Viergebroederslied van Mechelen. Onder meer Liederentafel algemeen, p. 84, toont zonder bronvermelding dit lied met Mechelse slotzin onder de titel 'Vier Aymonskinderen' (een naam voor de legendarische broers gekend als de heemskinderen).