Arme Clarenstraat

Uit Mechelen Mapt, het vrije naslagwerk over Mechelen
Ga naar:navigatie, zoeken
English.gif Narrow street in the centre of Mechelen.
De Arme Clarenstraat in Mechelen

De Arme Clarenstraat in Mechelen is een smalle verbindingsstraat tussen de Minderbroedersbrug over de Nieuwe Melaan die langsheen Melaan en Jef Denynplein loopt, en de Nieuwe Beggaardenstraat.

De 'Mosstraat' eindigde aan de Oude Melaan tot in 1509-1510 de Mosbrug gebouwd en de straat tot aan de Nieuwe Beggaardenstraat doorgetrokken werd. In die 16e eeuw werd ze hernoemd naar de arme claren die zich in 1501 aan de Melaan hadden gevestigd. Op die hoek van de Arme Clarenstraat is er een Mariafiguur met Kind aan de gevel, zie meer detail in de rubriek Beelden in de Stad. In de jaren '70 van de twintigste eeuw was er een café De Zolder in de straat.

Het straatje gaf jarenlang een verwaarloosde aanblik, tot in het begin van de 21e eeuw nieuwe woningen gebouwd werden, waarvan de tuinen (en garages) grenzen aan het Straatje zonder eind.

Geschiedenis van de arme claren[bewerken]

De achttienjarige Clara van Assisi was in 1212 geïnspireerd door de in haar stad geboren en er sinds een viertal jaren apostolisch werkzame Franciscus. Dat jaar, vanuit de geest waarmee hij in 1210 de orde van de minderbroeders had opgestart, stichtten de latere heiligen samen de vrouwelijke beschouwende kloosterorde die naar haar genoemd zou raken. Paus Honorius III erkende meteen de weinig van de franciscaanse armoedeleer overlatende clarissenregel die in 1219 werd opgesteld door een neef van de overleden paus Innocentius III, Ugolino, die de volgende paus zou worden. Aldus aanvaardde hij als paus Gregorius IX in 1228 op verzoek van Clara echter het Privilege van de Armoede, welk de clarissen opdroeg zich van elke vorm van persoonlijk bezit te ontzien. In 1263 werd door toe te staan eigen goederen te bezitten en de opbrengst ervan te innen, de clarissenregel verzacht door paus Urbanus IV. De urbanisten bleken daarop veelal rijke claren.
In het begin van de 15e eeuw startte Nicolette Boëllet (bekend als Coleta, Colette) uit Corbie vanuit Bourgondië haar grote hervorming, waarmee zij het herstel voor ogen had van de oude en strenge clarissenregel. De in haar streek erkende paus van Avignon Benedictus XIII kende haar en haar volgelingen ten eeuwigen dage een toen op twee 'rijke' claren na verlaten abdij in Besançon toe en na het concilie van Pisa (1409) ratificeerde de derde gelijktijdige en toen voor ruwweg Noordwest-Europa ware paus Alexander V, dat besluit. Colette hervormde aldus in 1410 de haar in 1408 toegewezen abdij en stichtte zelf nog 16 abdijen waarin een boetvaardig leven in volstrekte armoede nagestreefd werd, tenslotte ook te Gent die waarin zij tot haar dood in 1447 verbleef. Haar heiligverklaring geschiedde 360 jaar later.[1] De colettinen of arme claren oefenden in de Nederlanden ook op tal van andere vrouwenkloosters een belangrijke invloed uit.

De uit een rijk geslacht stammende Elisabeth van Immerseel[e] voerde het testament van haar echtgenoot Godfried [van] Vil[l]ain uit, waarbij zowel een mannen- als een vrouwengodshuis diende gesticht. Het Olivetengodshuis kwam tot stand aan de ernaar genoemde vest en voor de vrouwen werd de woning voorzien op de Melaan nabij de zuidkant van de Arme Clarenstraat, het Hof van Beveren. Aldaar stichtte zij in 1501 de eerste arme clarengemeenschap te Mechelen.[2][N 1] Na Elisabeths dood in 1510, werd de kloosterkapel in 1513 opgetrokken en in 1514 gewijd.[3][4] Tijdens de godsdienstperikelen werden de nonnen in 1580 overvallen door de Engelse Furie. Ze ontvluchtten de stad en na bijna zes jaar op diverse locaties, vonden ze op de hele kapel en de ruwbouw na, een gehavend en geplunderd klooster. Herstellingen bleven niet lang uit.[5] Pas in 1650 vestigden zich elders in Mechelen ook rijke claren.[6]

In 1783 werden de Mechelse gemeenschappen van beide orden opgeheven[N 2] maar de arme werd in 1836 op aandringen van kardinaal Sterckx, de aartsbisschop, vanuit Gent hersticht in de Jodenstraat, waar ook één nog overlevende zuster uit die verdwenen gemeenschap bij kwam. Al in 1840 verhuisden deze arme claren naar het eertijdse Hof van Aurelius Carrega in de Stassartstraat. Na een bloeiperiode met zelfs stichtingen in 1851 te Sint-Truiden en in 1875 te Turnhout, dienden de Mechelse clarissen echter gedurende ruim vijftig jaren diverse problemen het hoofd te bieden tot de abdis overleed in 1966. Daarop trokken de allerlaatste nonnen weg naar hun ordegenoten elders, nog nadat in 1953 het onderscheid tussen rijke en arme claren ten einde was gekomen.

Externe links[bewerken]

Bezig met het laden van de kaart...

Arme Clarenstraat

Bronnen[bewerken]

  1. (fr) Diverse auteurs. Sainte Colette de Corbie, Réformatrice des Clarisses (1380-1447). Diverse oorspronkelijke uitgevers, verzameld op private site van ene 'Pierre' met een roeping. Nagezien 2014-03-26. (Vermelde "Alexandre V, le Pape de Rome" heeft nooit bestaan, allicht is Martinus V of Eugenius IV bedoeld.)
  2. (fr) Van Doren, Pierre Joseph;(Hermans, Victor H. C.). Inventaire des archives de la ville de Malines, tôme cinquième p. 251. E.-F. Van Velsen, Malines (1868). Nagezien 2014-03-25.
  3. Godshuys van Oliveten gesticht in 1481. Mechelen die Heerlijke. Mahala (private site van Alfons Leenders). Nagezien 2014-03-26.
  4. Scheppersinstituut (ID: 50555). De Inventaris van het Bouwkundig Erfgoed. Inventaris Onroerend Erfgoed (Vlaamse Overheid). Nagezien 2014-03=-26.
  5. Eene bladzijde uit de Geschiedenis der Arme Claren van Mechelen (1580-1585). Bulletin du Cercle archéologique, littéraire et artistique de Malines - Tome douzième.. L. & A. Godenne, Mechelen (1902). Nagezien 2014-03-23. Een (niet onpartijdig) relaas
  6. Zicht op het klooster der Rijke Claren (Rijke Klaren of urbanisten) binnen Mechelen, aan de Oude Bruul, nu Leermarkt. Regionale Beeldbank van o.m. Mechelen. Nagezien 2014-03-23.

Voetnoten[bewerken]

  1. De Beeldbank meldt (op 2014-03-26) bij SME001000221: "Het klooster van de arme klaren (ook 'Thaborklooster' genoemd) is opgericht in 1501 maar behalve de kapel gesloopt na de verdrijving in 1799. Op de gronden van het klooster wordt in 1844 het Scheppersinstituut opgericht" doch (zoals SME001005667 correct stelt) in het klooster van Thabor, trouwens eerst extra muros en pas later waar Scheppers kwam (Thaborstraat nabij de Melaan), huisden kanunikessen ofte augustinessen - niet de arme claren die in 1501 meteen de oostelijke hoek van dat huidige stratenblok innamen. Nog in 1775 waren die kloosters duidelijk afzonderlijk: Egidius Broers werd veroordeeld voor diefstal van een loden "venneel" dat in het klooster der arme claren, waarvan hij bewaker geweest was, in een hoek lag tegen "een solderken uijtsiende op het Clooster van Thabor".
  2. Het eerdere arme clarenklooster diende vanaf 1785 als artilleriemagagazijn voor het Oostenrijks leger en in de Franse tijd als fouragemagazijn tot het in 1798 als 'nationaal goed' verkocht werd. Finaal bleef slechts de kapel overeind, geïntegreerd in het Scheppersinstituut. – Bron:

    Zicht op het klooster van de Arme Claren ; op de voorgrond de Melaan. De Beeldbank van o.m. Mechelen. Nagezien 2014-03-26.